Waar bent u naar op zoek?

blog

Ontmoeting met God als kern van boodschap Reformatie

De gemoedelijkheid voorbij

27-10-2015

Wat is hét springende punt van de Reformatie dat de kerk vanwege het denken in samenleving en kerk vandaag voor het voetlicht moet brengen?

Het is 498 jaar geleden dat Luther zijn 95 stellingen bevestigde aan de deur van de slotkapel te Wittenberg. De voorbereidingen voor de 500 jaar Reformatie, over twee jaar, zijn in volle gang. We leven er nu al naar toe. Maar niet alleen met een feestelijk gevoel.

In Protestantse Kerk in Nederland denken we na over hoe de kerk er in 2025 uit zal zien. Dat is maar niet een hardop dromen over een ideaalplaatje. Het is een onderkennen van hoe we er als kerk voor staan. In het kielzog van deze bezinning startten jonge predikanten onlangs een handtekeningenactie om de noodzaak van veranderingen in de kerk te onderschrijven. ‘Ook aan de keukentafel kun je kerk zijn.’ Zonder al deze plannen en acties hier te beoordelen, één ding is ons allen wel duidelijk: achteroverleunen en na 498 jaar Reformatie constateren dat het allemaal geweldig gaat, is een illusie. We zijn de gemoedelijkheid voorbij.

Springende punt

De vraag dringt zich op wat hét springende punt van de Reformatie is dat we vandaag voor het voetlicht moeten brengen. Het is een vraag die tegelijk prikkelt tot zelfonderzoek: ik wil een ‘gereformeerd theoloog’ zijn, waaruit blijkt dat dan? Hoe stempelt dat mijn functioneren als predikant op dit moment? Inderdaad, wat is het springende punt?

De Reformatie heeft ons voldoende ‘punten’ geboden. Het aanbod is overweldigend. Wie Luther noemt, denkt onmiddellijk aan zijn rechtvaardigingsleer. Hoe bevrijdend heeft deze niet gewerkt? Niet wat jij als mens God te bieden hebt, maar wat Hij jou biedt, aanbiedt in Christus, is bepalend. Hoeveel krampachtigheid in ons geestelijk en kerkelijk leven zou niet verdampen als we dit (opnieuw) op ons laten inwerken?! En ook richting de cultuur waarin wij leven. Jezelf moeten bewijzen is één van de hoofdgeboden van onze tijd. Hoeveel heilige ontspanning zou het niet geven als we ons realiseren dat dit richting God niet werkt en ook niet hoeft! Genade als geschenk.

Verbond

Calvijn sluit hierbij aan. Bij hem denk ik onder andere aan de betekenis van het verbond. De blijvende betekenis van het verbond is dat God de Eerste is en blijft. Heilzaam tegen een overspannen aandacht voor de ‘voor God kiezende mens’, die in zijn keuze op zijn eigen goede bedoelingen terugvalt en daardoor voortdurend door de mand valt.

Ten slotte noem ik Bucer, die net als Calvijn vaak aangeduid is als ‘theoloog van de Heilige Geest’. Die aanduiding maakt hij waar door te wijzen op het belang van de ‘geestesgaven’. Iedere gelovige heeft van de Heilige Geest gaven ontvangen en kan daarom ingezet worden in de christelijke gemeente, zeker nu ambtsdragers steeds moeilijker te vinden zijn. Bucer dus als extra stimulans om het ‘ambt aller gelovigen’ te activeren.

Het lijstje met belangrijke onderwerpen valt gemakkelijk aan te vullen en dat geldt ook voor het noemen van verschillende reformatoren. Maar wat is nu het springende punt?

Te gemoedelijk

Het woord ‘gemoedelijk’ boven dit artikel ontleen ik aan een brief van Calvijn. Na zijn gedwongen vertrek uit Genève verblijft Calvijn enkele jaren in Straatsburg. Tijdens zijn afwezigheid probeert de Italiaanse kardinaal Sadoleto weer grip te krijgen op de bevolking van Genève. Hij wil deze weer in het rooms-katholieke kamp terugbrengen. Niemand in Genève kan tegen Sadoleto op. De hulp van Calvijn wordt ingeroepen.

Vanuit Straatsburg dient hij Sadoleto in een open brief van repliek. De kern van zijn boodschap richting Sadoleto is: uw theologie is mij te gemoedelijk. Je redt het er niet mee voor het aangezicht van God. Een theologie waarin de verzoening met God door het offer van Jezus niet centraal staat, verdient deze kwalificatie: ‘te gemoedelijk’.

Deze woorden resoneren al jarenlang in mijn hoofd. Met een te gemoedelijke theologie red je het niet. Het is maar niet een gereformeerde afwijking om ons geweten te brengen voor de rechterstoel van God; het is een bijbelse opdracht. Daar ontdek je wie je bent: zondaar, aangewezen op verzoening.

Wie deze inhoud van het Evangelie uit het centrum weghaalt en ergens aan de zijkant van ons kerk-zijn positioneert, krijgt te horen: ‘te gemoedelijk’. Christen-zijn wordt dan een soort way of life, het aanhangen van een bepaalde levensovertuiging. Maar meer ook niet. En dat is te weinig, ‘te gemoedelijk’.

Open brief

Over twee jaar staan we stil bij 500 jaar Reformatie. In 2017 zal het ook vijftig jaar geleden zijn dat op hervormingsdag 1967 de Open Brief werd gepubliceerd. Verschillende theologen gaven uiting aan hun zorg over het kerkelijke leven. Raken wij in de kerk de verborgenheid van de godzaligheid niet kwijt, zo is de centrale vraag. De brief zoomt in op de middenorthodoxie en in dat verband wordt er gesproken over het gevaar van een ‘heilige vanzelfsprekendheid’.

Ik citeer: ‘Het waarachtige bijbelse besef, dat genade vrijmachtige openbaring, soevereine daad Gods, en daarom wonder, uitzondering, verkiezing, verrassing, geheimenis is, is uit deze theologie geheel verdwenen. Het Evangelie is hier tot een theologisch systeem tot een christelijke levens- en wereldbeschouwing geworden, die alles en allen in de genade van Christus opneemt, en geen ernst meer maakt met de zonde, het ongeloof, het oordeel, de verwerping en de eeuwige verlorenheid.’ In deze brief volgt dan het citaat uit Calvijns brief richting Sadoleto: ‘Uw theologie is mij te gemoedelijk. Zij draagt het kenmerk van elke theologie, die nooit de school van de zware gewetensstrijd heeft doorlopen.’

De Open Brief deed indertijd heel wat stof opwaaien. Nu bijna vijftig jaar later is deze brief mijns inziens nog steeds actueel. Voor één bepaalde sector in de kerk? Laat iedere stroming naar binnen kijken: te gemoedelijk? Houdt onze theologie het voor de rechterstoel van God?

Ontmoeting met God

De rechtvaardigingsleer, de visie op het verbond, de geestesgaven. Deze lijst is, zoals ik al zei, gemakkelijk aan te vullen. Genoeg typeringen en kwalificaties. Maar het springende punt is de ontmoeting met God. Niet de god van je eigen fantasie, maar de God van de Openbaring. En zo ontdekken wat genade is. Als dit in de kerk en in ons persoonlijk leven een gepasseerd station is, is het over en uit.

Maar zit de maatschappij hierop te wachten? Woorden als ‘schuld’ en ‘zonde’ scoren tegenwoordig toch niet hoog? Prijst de kerk zich niet uit de markt met zo’n boodschap? Te gemoedelijk. Het is niet alleen de kwaal in de kerk, maar ook in de maatschappij. We stoten niet door in onze analyse. Wie eerlijk om zich heen en naar zichzelf kijkt, moet belijden dat we de problemen in deze wereld en in ons eigen leven niet oplossen door wat aan de omstandigheden op zichzelf te doen. Dat is ‘te gemoedelijk’. Er is meer aan de hand.

Daarom is er ook meer nodig: verzoening van schuld. Collectief en individueel. We zijn de gemoedelijkheid voorbij. Het leven is geen sprookje, de wereld geen Efteling, de kerk geen speeltuin. Voor kerkje spelen hebben we geen tijd (meer). Onze tijd vraagt om verzoening.

Die verzoening ís er, Goddank. Vertel het aan de keukentafel, deel het aan de kerkenraadstafel, waar het misschien wat stil is geworden. En ontvang het aan de avondmaalstafel. De gemoedelijkheid voorbij. Christus is een echte Heiland. Dat is het springende punt.

C. van Duijn

Ds. C. van Duijn is predikant van de hervormde gemeente te Delft en lid van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond..