Waar bent u naar op zoek?

Globaal bekeken

J. van der Graaf
Door: J. van der Graaf
21-10-2021

Uit een indrukwekkend boek over vijf eeuwen Grote of St. Bavokerk in Haarlem (uitg. WBOOKS) een fragment over het graf van Willem Bilderdijk:

Op 18 december 1831 overleed recht tegenover de Bavo op zijn kamer aan de Grote Markt de dichter Willem Bilderdijk (1756). Omdat er te weinig geld beschikbaar was, werd de begrafenisplechtigheid uitgesteld tot de 23e. Pas nadat zijn roomse vriend dr. Jan Wap vierhonderd gulden had voorgeschoten was aan de financiële voorwoorden voldaan en kon ‘het ontzielde dichtersgebeente van Bilderdijk (worden) bijgezet in een geleend graf, namelijk dat van zijn Haarlemse vriend dominee Hermanus Manger (1733-1804) die het reeds voor zichzelf gehuurd had’. Bilderdijks graf is gemakkelijk te vinden: aan de zuidkant van de kerk, ter hoogte van het koor is op een zuil een gedenksteen aangebracht. Op de steen staat alleen de naam Bilderdijk vermeld. In de onderplint lezen we de naam van de rederijkerskamer die het initiatief tot plaatsing nam en het jaartal: De Kamer de Wijngaardranken MDCC-XCCCII. Ook zijn grafsteen draagt zijn naam. Behalve Willem de Clercq (1795-1844) en Isaäc da Costa (1798-1860) waren er geen nu bekende letterkundigen aanwezig.

Wel erbij was de jonge Nicolaas Beets, die zich dat blijkens de Gedenkschriften van F. Smit Kleine jaren later nog goed herinnert:

‘Ik stond in 1831, als 17-jarig knaapje aan zijn graf. Behalve velen, die ik mij niet herinner, zag ik daar om de geopende groeve staan Willem de Clercq, Koenen, van Walré, Jeronimo en Abraham de Vries, en wie hem nooit vergat eer men hem ééns had gezien, Bilderdijks bekeerling, Isaäc da Costa. Het is 53 jaar geleden, en nog hoor ik het metaal van zijn stem, vol aandoening en strijdlust.’

Die strijdlust zal toch bij die gelegenheid niet opvallend aanwezig zijn geweest, want Da Costa moet letterlijk snikkend een lijkrede hebben gehouden.


‘Voor Theo en Thea is de Pauluskerk een bijzondere plek’ kopt een bijdrage in het magazine ‘60 jaar Pauluskerk’ van de protestantse gemeente Leerdam. Een paar fragmenten:

Theo (68) en Thea (66) Burggraaf zijn geboren en getogen Leerdammers. Mensen die Theo kennen van zijn jarenlange betrokkenheid bij voetbalvereniging LRC, kunnen soms haast niet geloven dat hij tegenwoordig naar de kerk gaat. “Hoe kan dat nou? Je bent een heel andere Theo geworden!”, zeggen ouders van spelers, vertelt de voormalig metaalbewerker. ‘Langs de lijn was ik continu aan het coachen en leefde ik erg mee. Dan kwam er weleens een lelijke blèr uit…’ Als hij nu de Pauluskerk inloopt, voelt hij een diepe rust, merkt Theo. ‘En dat terwijl ik tot voor kort niets van God moest hebben.’

Voor Thea lag dat anders. ‘Het christelijk geloof heeft me altijd wel getrokken.’ Als ze in haar kindertijd bij haar gelovige opa en oma kwam, vouwde ze haar handjes om mee te bidden. Toen een collega vier jaar geleden aan Thea vroeg of ze eens meewilde naar de kerk, twijfelde ze. ‘Ik kende er verder niemand.’ De kennis had aangespoord: ‘Dan wacht ik buiten op je en kom je naast me zitten.’ Na het kerkbezoek werd Thea nog nieuwsgieriger naar God, en dus besloot ze mee te doen aan de Alpha-cursus, om uiteindelijk in een belijdenisdienst uit te spreken dat ze tot geloof gekomen was.

Door omstandigheden zocht het echtpaar vier jaar geleden een nieuwe woning. Dat ze, mede dankzij de inspanning van de dominee en andere kerkgangers, onverwacht snel een huisje kregen, ziet Theo als een wonder. Ze hoorden het terwijl ze bij kerkleden waren. ‘Volgens mij is er iets bijzonders gebeurd…,’ stamelde Theo toen. Nu zegt hij: ‘Wie had ooit kunnen denken dat ik tot geloof zou komen? De Heere heeft zo hard op de deur van mijn hart gebonkt, dat ik uiteindelijk niets anders kon dan opendoen.’ De vrouw bij wie ze waren, hield hem voor: ‘Weet je dat God altijd al bij je was? De kracht die je kreeg om dwars door al je moeilijkheden te gaan, komt van Hem!’

J. van der Graaf
J. van der Graaf