Waar bent u naar op zoek?

Gods Geest zorgt ervoor

Ds. A. de Lange
Door: Ds. A. de Lange
25-05-2023

Niet door kracht en niet door geweld, maar door Mijn Geest, zegt de Heere van de legermachten. Zacharia 4:6b

Pinksteren geeft ons er moed op dat het kan gaan gebeuren. Wat? Alles waartoe God ons roept, alles wat we zoeken voor ons geloven en dienen van God. Het hoeft niet van ons te komen, want Gods Geest zal ervoor zorgen.

Het is een stil beeld dat de profeet Zacharia ziet in het vijfde nachtgezicht dat God hem geeft in de stille nacht. Er staat een gouden kandelaar met zeven lampen te branden en er lopen toevoerbuisjes naar elk van de lampen vanaf twee olijfbomen ernaast. Continu is er, zonder mensenwerk, de toevoer van olie en continu geeft de gouden kandelaar licht. Mooi om even naar te blijven kijken. Mooier om te weten wat God ermee wil zeggen.

Licht in het donker

God geeft er een boodschap mee aan Zerubbabel. Aan het einde van de zesde eeuw voor Christus is hij samen met hogepriester Jozua door de profeet Haggaï belast met de taak van de herbouw van de tempel. Het valt niet mee met dit project. Er zijn weinig middelen en mensen en er is veel tegenstand. Zou het dan toch kunnen? Zou het met de tempel nog wat worden? En met het leven van Israël in dienst aan God?

Daar staat de kandelaar te branden en licht te geven. De kandelaar is het beeld van Israël, van Jezus, van de gemeente (Jes.49 en Openb.1) Het wordt wat met Gods huis, Gods dienst en Gods verheerlijking, want de tempel staat er weer. De hele dienst erin gebeurt weer. Zie maar: de kandelaar brandt. Zo is er licht in het donker van de wereld. Vanuit Gods huis, Gods gemeente. Kan het ervan komen? Het is ervan gekomen!

Niet door onszelf

De boodschap die erbij klinkt is: ‘niet door kracht, niet door geweld, maar door Mijn Geest’. Het is een correctiewoord: nee, niet zoals u denkt, wilt en onderneemt; het hoeft niet van u te komen. Je hoeft niet alle middelen eerst in huis te hebben. Je hoeft niet aan jezelf en anderen te kunnen verkopen dat het echt wel gaat lukken. Want dan ga je manschappen tellen, spierkracht inschatten, verdiensten peilen, voor voldoende inleg zorgen. Het gebeurt niet door dat allemaal, maar door Mijn Geest.

Vol energie

Gods Geest is vol energie. Hij overtreft alle verwachtingen. Hij verslaat elke tegenstand. Hij geeft licht in het donker. Hij brengt de kennis van God terug waar ze niet was. Hij werkt verlangen naar God en Zijn nabijheid. Hij doet spreken en getuigen van Jezus. Dat is toch Pinksteren? Het licht in Gods tempel is aan en het schijnt helder. Vragen worden beantwoord. Twijfel wordt weggenomen. Berouw over ongeloof aan Jezus vervult duizenden mensenharten. En de Geest wordt ontvangen. Vervolgens is er gemeenschap in de Heere, delen van leven en goederen met elkaar, en niemand kan zijn mond nog houden over Jezus. Mensen die in duisternis leefden, weten niet waar ze blijven moeten bij al dit licht.

Stille oliestroom

Wat een mooi gezicht en een mooi onderwijs in deze stille nacht. Zacharia kan er, samen met Zerubbabel die het doorverteld krijgt, van gaan dromen wat het allemaal niet kan worden: met de tempel, met Israël als Gods volk, met de volkeren die door Israël in het licht gebracht worden.

En wij mogen het vandaag nog steeds horen en ter harte nemen. Wat zullen we ermee doen? Laten we allereerst maar stille tijd houden. Goed luisteren naar dit Woord, het overdenken, het indrinken, het geloven. En gaan bidden, bidden om de Geest en Zijn werk. En gaan bedenken hoeveel de Geest al gedaan heeft, in anderen en in onszelf. Misschien wordt het tijd om de stille oliestroom van de Geest die al een tijd in ons leven heeft gevloeid, gewaar te worden en op te merken dat de Geest voor licht heeft gezorgd.

Eén fout moeten we niet maken: denken dat wij niets te betekenen hebben. We hebben namelijk terdege onze plek en taak. Zerubbabel in de tempelherbouw en wij in onze gemeente en op onze levensplek. Laten wij ons ambt bekleden, onze christelijke roeping volgen en moed vatten. Want het is waar: ‘niet door kracht, niet door geweld, maar door Mijn Geest.’

Ds. A. de Lange
Ds. A. de Lange