Waar bent u naar op zoek?

Tekenen van de tijden

Ds. G. Herwig
Door: Ds. G. Herwig
11-11-2021

‘En mij hiertoe door U bereid, opnemen in Uw heerlijkheid’, zingen we graag in de erediensten. Waar denken we dan aan? Aan het uur van ons sterven? Of ook aan de terugkomst van onze Heere Jezus Christus? Hoe kunnen we die verwachting met een groot verlangen in de gemeente aanwakkeren?

DDe vorige keer ontdekten we de overvloed die de Heere Zijn volk Israël schilderde bij monde van de profeet Jesaja. Ook de profeet Joël moest niet alleen het oordeel aankondigen, maar mocht ook van een heerlijke toekomst spreken in de weg van waarachtige bekering: ‘Op die dag zal het gebeuren dat de bergen van jonge wijn zullen druipen, de heuvels van melk zullen stromen en alle waterstromen van Juda zullen overlopen van water.’ Deze belofte vloeit voort uit de aangekondigde uitstorting van de Heilige Geest op het heerlijke pinksterfeest. En ja, van Pinksteren gaat het naar de voleinding, naar de dag dat onze Heere en Heiland bij Zijn terugkomen de volmaakte vrede meebrengt. Bij de woorden van Joël hoor je de echo van andere woorden uit de Schrift: ‘Wie drinkt van het water dat Ik hem zal geven, zal in eeuwigheid geen dorst meer krijgen. Maar het water dat Ik hem zal geven, zal in hem een bron worden van water dat opwelt tot in het eeuwige leven.’

Intenser, radicaler

Wat een heerlijk perspectief. Maar… dan is er ondertussen al veel gebeurd en zal er nog veel gebeuren. We luisteren naar indrukwekkend onderwijs uit de mond van onze Heere Jezus Zelf. We kiezen expliciet voor Mattheüs 24. Jezus heeft dan net het oordeel over Jeruzalem aangekondigd. Daarbij denken we aan wat er gebeurd is in het jaar 70 na Chr. Die vreselijke gebeurtenis laat tegelijkertijd zien dat we ook in het onderwijs van Jezus regelmatig te maken hebben met een dubbele laag: een aanvankelijke vervulling en een definitieve, volkomen vervulling. Jezus citeert in Mattheüs 24:15 de profeet Daniël en vervolgt: ‘Laten dan zij die in Judea zijn, vluchten naar de bergen.’ Hij spreekt dan over een grote verdrukking die komen zou en de perikoop eindigt met de woorden: ‘En als die dagen niet ingekort werden, zou er geen vlees behouden worden; maar ter wille van de uitverkorenen zullen die dagen ingekort worden.’ Hoe lezen wij die woorden met het oog op de dingen die nog gaan gebeuren? Ze zijn aanvankelijk vervuld, maar in ‘de laatste dagen’ zullen deze dingen opnieuw, intenser, radicaler, volkomener geschieden.

Hartstochtelijk verlangen

Boven de perikoop die begint met vers 24, staat: De wederkomst van Christus. Het is indrukwekkend onderwijs. Wereldomvattend. Jezus schildert de kenmerken van de eindtijd: valse profeten en valse christussen schreeuwen om aanhang; er zijn opvallende natuurverschijnselen – alles komt op een ‘onnatuurlijke’ wijze in beweging en als de bliksem komt de Zoon des mensen terug (vs.27). Iedereen zal Hem zien ‘als Hij op de wolken van de hemel komt met grote kracht en heerlijkheid’ (vs.30), in een punt des tijds. Onomkeerbaar! Daar gaat het naartoe. Daar gaan wij naartoe.

Ik denk even aan (jonge) mensen die dit voorjaar belijdenis van het geloof aflegden. Is de terugkomst van de Heere Jezus Christus een aspect van hun geloofsbeleving? En zien ze in de gemeente waar ze belijdenis deden, broeders en zusters die hartstochtelijk verlangen naar dat moment? Richten we daar ons leven dan ook op in? Belijden we dat we geen blijvende stad hebben en zijn we op zoek naar de toekomende?

Chaos

Uit vers 36 wordt ons overigens duidelijk dat geen schepsel de dag en het uur kan noemen: ‘Maar die dag en dat uur is aan niemand bekend, ook aan de engelen in de hemel niet, maar alleen aan Mijn Vader’, zegt Jezus. In een ander Evangelie staat dat zelfs de Zoon dat uur niet weet. Het niet weten van de dag en het uur mag echter nooit leiden tot indutten. Kijk om je heen: de chaos neemt in deze wereld hand over hand toe. Gods schepping is uitgeput, alles staat op scherp, kijk maar weer naar het Midden-Oosten. Iemand zong: ‘Ik richt mijn leven naar Gods klok, Zijn tijd is altijd goed….’ In dat kinderlijke vertrouwen mogen wij onze weg gaan, ons vastklampend aan het woord van Jezus: ‘En als Ik heengegaan zal zijn en u plaats bereid zal hebben, zo kom Ik terug en zal u allen tot Mij nemen.’

Onder- en overwaardering

Het is dus ontzettend belangrijk om te letten op de tekenen van de tijden. De in 2016 overleden ds. G.S.A. de Knegt heeft daar ooit eens een mooi boekje over geschreven, waarin hij zowel waarschuwt tegen onder- als overwaardering. Wie de tekenen onderwaardeert, zegt al snel bij het losbarsten van een oorlog of het uitbreken van een hongersnood dat dit altijd al zo geweest is, aldus ds. De Knegt. Leerzaam is het te lezen wat er bij overwaardering gebeurt: ‘Het gevaar is altijd aanwezig dat wij meer onze directe situatie laten spreken dan de Schrift en ook wel dat wij onze directe situatie op de Schrift toepassen en niet de Schrift op de situatie. Voorzichtigheid en een bijbelse nuchterheid zijn ons geboden en ons parool.’

Toekomstperspectief

Nadat we deze woorden goed op ons hebben laten inwerken, merken we op dat het een oneindige troost geeft om door het geloof te mogen weten dat onze Heere en Bruidegom gereed staat terug te komen. Kennen wij dat toekomstperspectief? Hebben we een diep verlangen naar thuis? Hier – op aarde – zijn we namelijk niet thuis. Thuis is daar waar de Vader is. In het huis van mijn Vader dus.

Hoe bereid ik me daar dan op voor? Hoe blijf ik tot dat ondeelbare ogenblik staande? Hoe word en blijf ik waakzaam? Direct na Jezus’ woorden over Zijn terugkomst vertelt Hij in Mattheüs 24 de gelijkenis van de uitspruitende vijgenboom. Zijn woorden zijn zo ontzagwekkend betrouwbaar.

Hoe zal dat dan zijn? Nu, zegt Paulus in 1 Thessalonicenzen 4: ‘Want de Heere zal met een geroep, met de stem van een aartsengel en met een bazuin van God neerdalen uit de hemel. En de doden die in Christus zijn, zullen eerst opstaan.’ Wekelijks belijden we als christelijke gemeente dat we geloven in de wederopstanding van het lichaam.

Met onvergankelijkheid bekleed

Met Pasen herdenken we de opstanding van Jezus Christus uit de dood. Dit heilsfeit onderstreept wat er op de jongste dag met ons lichaam zal gebeuren. Met name in 1 Korinthe 15 staan indrukwekkende zaken die ons dagelijks bezig mogen houden.

Enerzijds is het belangrijk te beseffen dat wij de wederkomst van Christus wellicht gaan meemaken terwijl wij nog leven. Daarover spreekt Paulus uitgebreid in 1 Thessalonicenzen 4. Anderzijds zou het kunnen dat wij sterven, voordat Hij terugkomt. Dan wordt ons lichaam gezaaid in vergankelijkheid, maar opgewekt in onvergankelijkheid, zie 1 Korinthe 15:42 en verder. We zullen – zie vanaf vers 50 – met die onvergankelijkheid ‘bekleed’ worden. Het geloof spreekt: de dood is verslonden tot overwinning. Dat betekent wel dat wij ons leven hier en nu zó inrichten dat we het ieder moment kunnen loslaten. Ingrijpend is dat. Vrouw, kinderen, kleinkinderen, de schitterende natuur, prachtige muziek… Maar geloven we dat ons straks geopenbaard zal worden wat geen oog gezien heeft, geen oor heeft gehoord en in het hart van geen mens is opgeklommen? Dat is eeuwige winst.

Ds. G. Herwig
Ds. G. Herwig