Was Groen van Prinsterer een conservatief? Eerst wel. Volgens mijn leermeester prof. Boogman was Groen in 1849 het enige Kamerlid “dat een theoretisch gefundeerde conservatieve ideologie aanhing”. Anderzijds zei Groen zelf in 1863: “Er bestaan twee soorten van conservatisme, die wij beide even beslist afwijzen.” Groen uitte dus ook kritiek op de (liberaal-)conservatieve beweging in Nederland.
Er bestond ook in ons land een conservatieve stroming zoals de Britse Conservative Party. Die beweging reageerde kritisch op een revolutionair vooruitgangsgeloof dat de samenleving met blauwdrukken voor de toekomst wilde veranderen. En wat bezielde Groen? Hij verklaarde zelf wat hij door zijn werk voor koning Willem I in Brussel ontdekte: “In Brussel zou ik komen in de sfeer van de revolutie; voor mij was het tegengif daar.” Dat tegengif was de Reveilprediking. Hij ontdekte achter de revolutie het ongeloof: volkssoevereiniteit in plaats van Gods soevereiniteit. Achter democratie dreigde ‘demoncratie’, waaraan ook conservatieven door hun handelen bijdroegen. Groen maakte een persoonlijke bekering mee. Zijn vrouw leidde hem bij een ziekte tot Christus. In Den Haag sloot hij zich aan bij een Reveilkring. Was dat Reveil conservatief? Je zag er zowel conservatieven als revolutionairen, merkte een ooggetuige op. Was Groen dan tegen de liberale Grondwet van Thorbecke van 1848 met de scheiding van kerk en staat? Politiek gezien was Groen in ieder geval niet tegen de nodige hervormingen, maar hij opponeerde als Kamerlid vooral tegen verkeerde, revolutionaire principes. Groen keurde elke revolutie af, zelfs de Griekse tegen de sultan, terwijl andere christenen die met liefde steunden. Het ging Groen om recht, ook internationaal, vertegenwoordigd door een Heilige Alliantie van de tsaar en anderen. Maatschappelijk was Groen nog voor standen, maar tegelijk pleitte hij ook voor volksonderwijs. Hij bestreed de slavernij, zij het vooral om de zending.
Groen waarschuwde dat nationalisme ook een afgod kon worden
Geest en hoofdzaak
En in de kerk? Het Reveil keerde zich tegen ‘kerkelijk conservatisme’. Groen keurde de politiemaatregelen tegen de Afgescheidenen af, maar hij keurde ook die Afscheiding zelf af: je verlaat geen kerk om de fout van een classis. Temeer sprak hij de hervormde synode aan op haar eigen bewering de leer te handhaven “in geest en hoofdzaak”. Toen een Waals predikant hem beschreef als “Dordtse” partijleider, weersprak hij dat echter uitgebreid en met klem. Het christelijk Reveil kwam niet uit de belijdenis voort, maar direct uit het Evangelie. Anders dan zijn Reveilvrienden was Groen voor tucht toen de eerste vrijzinnige predikanten intrede deden. Toen vrijzinnige dominees hun ambt niet wilden neerleggen, richtte hij in 1864 de Confessionele Vereniging op, voor “kerkrechtelijke uitdrijving der modernen”.
"*" geeft vereiste velden aan