Het Bijbelboek Handelingen verwoordt hoe Gods werk verdergaat. Door de kracht van de Heilige Geest groeit het Woord van Jeruzalem tot in Rome. Verschillende preken staan hierbij centraal. We staan stil bij de boodschap van vier van deze preken.
Als eerste letten we op de bekende preek van Petrus op de pinksterdag. Na de uitstorting van de Heilige Geest worden de apostelen vervuld en gedreven om van het heil te getuigen. Het licht valt op Petrus, die het woord neemt en voor een grote menigte preekt. Hij geeft direct aan dat er geen vreemde gebeurtenissen op de pinksterdag plaatsvinden. Aan de hand van woorden van de profeet Joël verkondigt hij dat Gods belofte wordt vervuld. In Gods heilsplan staat niet alleen de komst van Christus centraal, maar ook de gave van de Heilige Geest.
Toch gaat Petrus’ preek niet over de Geest. In het middelpunt ervan staat de verhoogde Christus, Die heeft geleden, is opgestaan en naar de hemel gevaren. De preek loopt uit op een confronterende boodschap: de hoorders zijn verantwoordelijk voor de kruisiging en dood van de Heere Jezus (2:36). Er komt vrucht op dit woord: hoorders zijn geestelijk geraakt door schuldbesef en vragen hoe ze redding kunnen vinden. In antwoord daarop wijst Petrus hen op bekering, vergeving van zonden en de gave van de Heilige Geest.
Petrus’ preek gaat niet over de Geest
Stefanus voor de Joodse Raad
De tweede preek is die van Stefanus, een van de zeven helpers van de apostelen. Hij wordt ook een getuige, terwijl hij de langste preek in Handelingen houdt (7:1-53). Daarin vertelt hij de geschiedenis van Israël aan de hand van bekende personen als Abraham, Jozef, Mozes en David. De rode draad van Stefanus’ boodschap is dat God aan Zijn verbond heeft gedacht. Steeds stuurde Hij verlossers om Israël te leiden. Door zich tegen deze redders te verzetten, ging het volk echter tegen de HEERE in. Tegelijk maakt Stefanus helder dat God niet aan de stad Jeruzalem en de tempel is gebonden, want Hij is veel groter en daarom de God van de hele aarde. De preek loopt uit op de confronterende boodschap dat de hoorders in de lijn van het genoemde verzet tegen God staan. Dit bereikte een hoogtepunt toen Jezus als dé Verlosser van Zijn volk werd gekruisigd.
De reactie is een uitbarsting van vijandschap, want Stefanus wordt opgepakt en gestenigd. Met Stefanus’ dood en de vervolging die daarna losbreekt, lijkt de zaak van God vast te lopen. Toch maken – wonderlijk genoeg – de preek en de dood van de Griekssprekende Stefanus de weg open voor de heidenvolken. Gelovigen vluchten namelijk weg uit Jeruzalem en brengen het Evangelie naar andere gebieden, zoals Antiochië in Syrië (11:19-26).
"*" geeft vereiste velden aan