Is het Evangelie Grieks?
Boekbespreking ‘Echo’s van het goede nieuws’
Het nieuwste boek van Cambridge-hoogleraar Geurt Henk van Kooten bracht vele pennen in beweging. <em>Echo’s van het goede nieuws. De evangeliën in context, toen en nu</em> ís ook – om het op z’n Engels te zeggen – <em>really fascinating</em> . Maar misschien hier en daar toch iets te fantastisch?
Van Kooten schreef een ontegenzeggelijk knappe studie. Meeslepend ook. En bij tijden spannend. Het gemak waarmee de hoogleraar Nieuwe Testament grossiert in de Grieks- Romeinse parallellen dwingt respect af. Er passeert een stortvloed aan informatie, die Van Kooten op heldere en innemende manier presenteert. Wie dit boek leest, zal voortaan anders naar de geschiedenis over de wijzen uit het Oosten luisteren, weet waarom koning Herodes zo vreselijk schrok (Matth. 2:3) én snapt waarom de wijzen niet op kamelen, maar op paarden Jeruzalem binnentrokken. Theologen leren uit deze studie dat de (sinds William Wrede) geijkte uitdrukking Messiasgeheim beter vervangen kan worden door Messiaans voorbehoud én dat de schrijver van het Johannesevangelie – niet de apostel, maar Johannes de Oudere – werkzaam was op het hogepriesterlijk secretariaat in Jeruzalem. En Galilea was bepaald níét de Achterhoek van Israël. En nog meer, véél meer.
Niet gangbaar
Dat wat Van Kooten op tafel legt is, zacht uitgedrukt, niet altijd even gangbaar, én strijkt daarom tegen de haren in van wat in de mainstream van het nieuwtestamentisch onderzoek geloofd en beleden wordt. Niet zonder reden gebruikte ik in de vorige zin het woord geloven; voor bepaalde vooronderstellingen in het onderzoek rond de Evangeliegeschriften is veel geloof nodig. Het is daarom verfrissend dat de hoogleraar in zijn boek een aantal overtollige hypothesen en stokpaardjes rond de onderlinge afhankelijkheid van de Evangeliegeschriften – bijna laconiek – van tafel veegt. Voor de kenners: bron Q kan in de prullenbak en het Markusevangelie is beslist géén primitief geschrift. Van Kooten aarzelt niet om te schrijven dat de evolutiegedachte sinds de negentiende eeuw het veld van het onderzoek beheerst. Dat is inderdaad het geval, maar wordt vaak onder de pet gehouden. De Chinese nieuwtestamentica Yii-Jan Lin schreef tien jaar geleden een onthutsende dissertatie waarin zij aantoont hoe dwingend de evolutiegedachte de tekstkritiek van het Nieuwe Testament stuurde. Zo zijn de meeste predikanten opgeleid met het ‘dogma’ dat de kortste lezing van de tekst van het Nieuwe Testament vaak de beste is. Niet dus. Alleen al hierom doen predikanten er goed aan dit boek te lezen. Panelen in het onderzoek schuiven voortdurend en resultaten die jarenlang volkomen ‘zekerheid’ hadden, zijn voor je het weet gedateerd. We zouden om de zoveel jaar wel een update kunnen gebruiken. De PThU en TUU organiseren binnenkort in het kader van de Permanente Educatie een cursus rond Echo’s van het goede nieuws . Dat is een uitstekend idee.
"*" geeft vereiste velden aan