
Het wordt er in de wereld bepaald niet gezelliger op. Daar hoef je geen helderziende voor te zijn. Het is guur geworden. De Heere Jezus voorzegde dit al. Opmerkelijk: Hij spreekt niet alleen over de gure wind die in de wéreld waait, Hij waarschuwt ook voor een atmosfeer in kerk, gezin en huwelijk die steeds killer wordt.
Wat opvalt in Jezus’ typering van de eindtijd, is het intense karakter ervan. Spreekt Hij eerst over gebeurtenissen die zich, tot op zekere hoogte, zullen voltrekken in de tijd van Zijn discipelen en de periode daarna – dit blijkt slechts het begin te zijn (Matth. 24:1-8). Aangrijpende zaken zullen plaatsvinden in de gemeente. Gelovigen zullen worden overgeleverd vanwege Zijn Naam. Maar dát – hoe merkwaardig ons dat in het Westen in de oren klinkt – valt te verwachten; de Heere Jezus voorzegde het al (Matth. 5:10-12). Het werkelijk rampzalige komt niet van buitenaf, maar van bínnenuit. Gemeenteleden die elkáár verraden, overleveren en háten (24:10). Wetteloosheid bínnen de christelijke gemeente, onderlinge liefde die bekoelt – niet bij enkelen, maar bij velen (24:12). Dat klinkt als een nare droom, maar de Heere Jezus meent ieder woord. Hoe blijven we staande wanneer nota bene de geloofsgemeenschap geen veilige plek meer is? De liefde zal verkillen. Het bederf van het beste is het slechtste.
Kruisvormig
De Duitse nieuwtestamentica Oda Wischmeyer schreef een diepgravende studie over liefde in het Nieuwe Testament. Een verrassende conclusie van Liebe als Agape: Das frühchristliche Konzept und der moderne Diskurs is dat de liefde geen gevoel, maar eschatologische deugd is, een houding die de christelijke gemeente zich eigen dient te maken in het laatste der dagen. Een absolute must, want zonder de liefde is het niet uit te houden. In de wereld niet, maar ook in de kerk niet. Agape, zoals het in het Nieuwe Testament functioneert, is een frontale aanval op de leugens van de wereld over de liefde: liefde als een verhaal over jezelf, een gevoel diep vanbinnen dat per dag kan wisselen, afhankelijk van hoe onze zogenaamde basisbehoeften bevredigd worden – of niet (en dat is dan je eigen schuld). Maar agape ontwikkelt zich niet op de bodem van het ‘liefdevol’ trouw-zijn aan je authentieke zelf. Het groeit en bloeit alleen vanuit het kruis van Christus. Zonder een kruisvormig leven is agape kansloos, absoluut tot mislukken gedoemd.
Verbondswoord
Een andere belangrijke uitkomst bij Wischmeyer is dat agape een verbondswoord is. In het Oude Testament wordt het liefdesgebod geformuleerd binnen de kaders van het verbondsvolk Israël. Het verrassende, maar ook ongehoorde – het nieuwe – van het Nieuwe Testament is dat de perspectieven wijder zijn: de Heere Jezus gebiedt ook onze vijanden lief te hebben (Matth. 5:43-44). Er vindt een volledige reframing van de liefde plaats. Nu begrijpen we waar het in de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan misgaat (Luk. 10:25-37): de priester en de Leviet die aan de halfdode stakker voorbijgaan leefden qua ethiek nog in het Oude Testament – dát is hun zonde.
In nevelen gehuld
De herkomst van het Griekse woord agape is in nevelen gehuld. Een mogelijk oorspronkelijke betekenis duidt op iets wat beschutting biedt. Agape komt ook voor in situaties waarin vrienden elkaar bij de hand grijpen. Het diep met elkaar verbonden zijn, het elkaar niet los (willen) laten staat hierbij op de voorgrond. Opmerkelijk is dat het eerste gebruik van agape te maken heeft met de verrassing van een gastheer die een vreemde (in huis) ontvangt; we zouden dit Bijbelse kernwoord als belangeloze naastenliefde kunnen definiëren. Liefde die geen voorwaarden stelt, niet aan zichzelf maar aan de ander denkt. Wat óók opvalt: het element van verkiezing staat op de voorgrond, een voorkeur die zich níét laat verklaren door de persoon die wordt liefgehad, terwijl agape de inherente eigenschap heeft zich te uiten in zorg- en liefdevolle daden.

