En u bent volmaakt geworden in Hem, Die het Hoofd is van iedere overheid en macht.
In Christus volmaakt
Wie geloven, worden in deze woorden aangespoord volkomen tevreden te zijn in Christus. Om hen heen waait de wind van hoger, mooier en geestelijker. Maar mooier, hoger en geestelijker dan in Christus wordt het niet.
Deze woorden fascineren mij altijd weer als ik ze lees of hoor: “En u bent volmaakt geworden in Hem”. Dat is Paulus’ repliek op de dwaalgeest in Kolosse. Die verhalen maakten indruk; over aanbidding van God zoals de engelen dat ook doen. Zeer gewichtig kwam hij over. Maar Paulus is duidelijk: die dwaalgeest houdt zich niet aan Christus, het Hoofd.
Fundament
Daartegenover klinkt het Evangelie. We moeten hier de tekst goed in verband lezen. Waarom is Christus de norm van alle geloof en geloofservaring? Omdat in Hem heel de volheid van God lichamelijk woont (2:9). In Christus is God helemaal tegenwoordig. De volheid, de overvloed van de Eeuwige is in Hem. Op een andere plaats noemt hij dat: God wás in Christus. In Hebreeën heet het: Christus is de afstraling van Gods heerlijkheid. Dat is het fundament waarop dit woord staat.
Dat wordt hier direct verbonden aan de gelovigen: “En u bent in Hem…”. Door de verborgen band van geloof zijn de Kolossenzen aan Christus verbonden. Zó, dat ze nu “in Christus” zijn. In Hem. Hun leven is met Christus verborgen in God. De apostel struikelt soms over zijn eigen woorden om te zeggen wat eigenlijk niet te zeggen is. Gelovigen zijn verbonden aan Christus – Christus deelt in Gods volheid – en wij die geloven, delen in Christus in die overvloed. Volmaakt heeft hier de klank van vervulling. Vol zijn van.
"*" geeft vereiste velden aan