Waar bent u naar op zoek?

Wie naar Christus kijkt, kan de eindstreep halen

Waarom Hebreeën tegelijk bemoedigt én waarschuwt

10-09-2026

Zoals we weten, heeft opvoeden twee kanten. Aan de ene kant bemoediging, want kinderen kunnen moeilijke dingen meemaken en verdrietig zijn. Aan de andere kant vermaning, want ook kinderen zijn zondig en zoeken graag grenzen op. Toch hebben beide kanten hetzelfde doel om kinderen te begeleiden naar de volwassenheid. Zo komen ze op een goede manier in het leven te staan.

In de prediking van de Hebreeënbrief komen de beide kanten van bemoediging en vermaning ook aan de orde. Met het doel dat de lezers bij Christus blijven en groeien in de kennis van Hem. Sterk is de prediking van Hebreeën op de Heere Jezus Christus gericht. De brief begint met Zijn hemelvaart en verhoging aan de rechterhand van Zijn Vader (hoofdstuk 1). Vervolgens komt Zijn vernedering aan de orde, want alleen via een weg van lijden en dood heeft Hij het heil van verzoening gebracht (hoofdstuk 2). De schrijver benadrukt dat Gods Zoon deze weg heeft afgelegd, want er was een goddelijk werk nodig voor onze verlossing. Tegelijk is deze Zoon mens geworden door het nageslacht van Abraham aan te nemen en ons in alles gelijk te worden. Alleen zo kon Hij de straf over de zonde op Zich nemen en de verlossing volbrengen (2:16-18). Met deze uitvoerige tekening van de Godmens Jezus Christus wil de schrijver helder maken dat het heil alleen in Hem is te vinden. Zo wil hij de lezers tot verwondering brengen: Wie is als U, trouw en gehoorzaam tot in de dood, genadig en barmhartig?



Jezus: Koning en Priester

De prediking van Hebreeën verbindt Christus’ persoon en werk met Zijn ambten. Hij is de Profeet, Die nog steeds spreekt (1:1). Hij is de Koning, die de machten van zonde, duivel en dood heeft overwonnen en nu verheerlijkt zit aan de rechterhand van Zijn Vader. Daar ontvangt Hij alle heerlijkheid (1:3-13; 2:9). Toch tekent de brief Hem vooral als unieke Hogepriester (hoofdstuk 7-10). Het hart van de brief gaat over het eenmalige offer waarmee de Heere Jezus de relatie tussen God en de gelovigen heeft hersteld. Tegelijk klinkt in de prediking van Hebreeën ook het hemelse werk van Christus zo nadrukkelijk door. In dit kader is een prachtige tekst: “(…) maar Hij, omdat Hij blijft tot in eeuwigheid, heeft een Priesterschap dat niet op anderen overgaat. Daarom kan Hij ook volkomen zalig maken wie door Hem tot God gaan, omdat Hij altijd leeft om voor hen te pleiten” (7:24-25). Ik leg de vinger bij het woord ‘eeuwig’, dat de schrijver verbindt met Melchizedek, de naam die we verschillende keren in deze brief tegenkomen (6:20; 7:17, 21). Deze mysterieuze priesterkoning komt voor in Genesis 14 en Psalm 110, waarbij zijn voorgeslacht en nageslacht ongenoemd blijven. Zo krijgt hij iets ‘eeuwigs’ en staat hij symbool voor het eeuwigdurende Priesterschap van Christus. Centraal in de prediking van Hebreeën staat de belijdenis van Christus als de eeuwige Hogepriester in de hemel.

Dit artikel gratis verder lezen?
Schrijf u in voor onze nieuwsbrief en lees de volledige tekst van dit artikel.