Een jaarthema van de Gereformeerde Bond wil raken aan wat belangrijk is voor kerk en geloof in deze tijd. Dit keer staat ‘Geroepen in kerk en wereld’ centraal. Het doel van Gods roeping is het dienen van Hem. Als het licht van Zijn toekomst over ons leven valt, wordt het een doelbewust leven. Een dienend leven.
Onze tijd
De Heere Jezus heeft van de eindtijd gezegd: “En doordat de wetteloosheid zal toenemen, zal de liefde van velen verkillen” (Matth. 24:12). In ons land zien we een groeiend individualisme en daarmee verbonden een toenemende liefdeloosheid en verharding. Steeds sneller nemen mensen het recht in eigen hand: op straat, in het verkeer, rond asielzoekerscentra. Steeds vaker komen minderjarigen in de criminaliteit terecht. Verder zijn veel mensen in verwarring. Waarvoor leef ik in een westerse wereld met zo veel mogelijkheden en prikkels? Maar ook met onzekerheid en innerlijke leegte vanwege zo veel oorlogsgeweld, toenemende oorlogsdreiging en een klimaatcrisis. Die leegte moet je vullen met allerlei nieuwe prikkels. Er zijn jongeren die geen uitzicht meer hebben als ze aan hun toekomst denken. Tegelijk lijkt er een nieuwe openheid voor het Evangelie te ontstaan. Kerkelijk is er de zorg om de doorgaande krimp op veel plaatsen en leeft de vraag wat nodig en geboden is. Waarop komt het aan te midden van dit alles? Op het dienen van de Heere in het licht van Zijn toekomst. Hij zal deze ‘oude’, ondergaande wereld volgens Zijn belofte vernieuwen.
Gods toekomst
Je kunt verwoorden hoe het dienen van God concreet wordt als ambtsdrager in de gemeente of als werknemer in de wereld. Je kunt ook vragen: Waarom is het belangrijk? Als je daarbij naar het verleden kijkt, kun je het dienen van God zien als het dankbare antwoord op Zijn verlossing. Denk aan het begin van Romeinen 12: “Ik roep u er dan toe op, broeders, door de ontfermingen van God, om uw lichamen te wijden als een levend offer, heilig en voor God welbehaaglijk: dat is uw redelijke godsdienst” (vs. 1). De “ontfermingen van God” wijzen op Zijn genade, die Paulus in de eerste acht hoofdstukken heeft verkondigd. De geloofsreactie daarop is dankbare toewijding aan Hem. De Heidelbergse Catechismus typeert het christenleven als het William Carey (1761-1835) staat bekend als de vader of pionier van de moderne zending. Eerst wordt deze Engelse schoenmaker predikant, daarna bouwt hij een grote talenkennis op en voelt een toenemende bewogenheid om het Evangelie aan de onbereikte volken te brengen. Als het land India in beeld komt, is Carey de aangewezen man. Tijdens een speciale dag van afzondering en gebed met het oog op een herleving van kerken en gemeenten, preekt hij over Christus’ woorden uit Openbaring 22:12: “En zie, Ik kom spoedig en Mijn loon is bij Mij om aan ieder te vergelden zoals zijn werk zal zijn.” Aan de hand hiervan legt hij een directe verbinding tussen het werk in Gods Koninkrijk en de wederkomst van de Heere Jezus Christus. Dit doet hij ook in een brief aan zijn vader, waarin hij over zijn zendingsroeping schrijft: “Ik hoop, lieve vader, dat u mij op kunt dragen aan de Heere voor het meest zware, eervolle en belangrijke werk, waartoe ooit enig mens werd geroepen om het ter hand te nemen. (…) Maar ik heb mijn hand aan de ploeg geslagen.” Het beeld van de hand aan de ploeg geeft aan dat Carey vooruitziet, naar de toekomst van de Heere. In juni 1793 vertrekt hij met zijn gezin naar het Verre Oosten. Ondanks veel tegenslagen en verdriet is zijn indrukwekkende pionierswerk en levenswerk in India rijk gezegend.
"*" geeft vereiste velden aan