Gevoel van veiligheid onder meisjes en vrouwen staat onder druk

Ontsnappen aan vrouw-zijn

Dr. ir. H. Jochemsen
Door: Dr. ir. H. Jochemsen
Actualiteit
31-08-2021

Is er voor (jonge) vrouwen reden het vrouw-zijn te ontvluchten? Het antwoord op deze vraag zou enkele verschijnselen in onze samenleving mede kunnen verklaren. Hoe veilig en gewaardeerd voelen meisjes en vrouwen zich?

In Nederland heeft 11 procent van de vrouwen ooit geslachtsgemeenschap tegen haar wil gehad, tegenover 1 procent van de mannen. 53 procent van de vrouwen en 19 procent van de mannen krijgt te maken met seksueel grensoverschrijdend gedrag. Het percentage meisjes dat aangeeft tegen eigen wil tot geslachtsgemeenschap overgehaald te zijn, blijkt tussen 2012 en 2017 weliswaar iets gedaald te zijn, namelijk van 17 naar 14 procent, maar is dus nog steeds schrikbarend hoog. Ook in Nederland is er goede reden voor de MeToo-beweging.

Genderdysforie

Een online artikel in april van dit jaar bevat het volgende citaat: ‘Vrouwen van 18 tot 29 jaar wijzen echter steeds vaker exclusieve heteroseksualiteit af en benoemen hun seksuele oriëntatie op andere dan heteroseksuele manieren’ (zoals lesbisch, biseksueel, of transgender, HJ). Deze veranderingen in de seksualiteitsbeleving van vrouwen worden niet gevonden onder hun mannelijke leeftijdsgenoten.

Vanuit het Britse zorgsysteem, de NHS, kwamen anderhalf jaar geleden berichten dat het aantal meisjes met genderdysforie dat bij de genderkliniek aanklopt met het verzoek om een transitie naar man, de laatste jaren zeer drastisch is gestegen: tussen 2009 en 2019 van 77 naar 2590. Enkele psychologen van de betreffende zorginstelling sloegen alarm bij deze snelle stijging. Volgens hen maken de grote aantallen het onmogelijk om goed na te gaan of werkelijk van genderdysforie sprake is. Meisjes zouden ten onrechte het zeer belastende transitieproces ingaan. Op last van het Britse Hooggerechtshof werd deze behandeling stopgezet voor kinderen onder de zestien jaar. In Zweden en Finland wordt dezelfde tendens gevonden.

Nog een paar andere gegevens. Nederlands onderzoek laat percentages voor suïcidepogingen zien die variëren van drie procent voor jongens tot tien procent voor meisjes. De meeste pogingen slagen niet (gemiddeld één op de 25 pogingen slaagt) en bij meisjes is het slaagpercentage veel lager dan bij jongens. Maar iedere poging zegt wel wat!

Complexe problemen

Waarom noem ik dit allemaal? Voor mij doen deze gegevens de vraag rijzen hoe veilig en gerespecteerd (jonge) vrouwen zich in onze samenleving voelen. Of, suggestiever geformuleerd, hebben we niet een maatschappelijk klimaat gecreëerd waarin vooral jongere vrouwen zich niet voldoende veilig, gewaardeerd en gerespecteerd voelen als mens en als vrouw?

Voordat ik hierop verder inga, noem ik eerst een paar nuanceringen bij de gegevens. Het gaat bij genderdysforie en de genderidentiteitsdiscussie, bij de MeToo-beweging en bij suïcidecijfers om complexe problemen met culturele, maatschappelijke, politieke, sociale en psychische kanten. Ook geloofsovertuigingen, mensbeelden en de invloed van media spelen mee. Oorzakelijke verbanden zijn moeilijk aan te tonen, als ze al bestaan. Bij elk van die problemen is sprake van een diversiteit van onderlinge invloeden, waarbij het vaak moeilijk is te achterhalen wat nu precies wat veroorzaakt.

Kwetsbaarder

Zo geeft een artikel over de veranderende seksualiteitsbeleving bij vrouwen (op brongerma.info) als mogelijke verklaring dat mannen al heel lang aan vrouwen een heteroseksualiteitsbeleving hebben opgelegd. Daardoor werden vrouwen afhankelijk van en ondergeschikt gehouden aan mannen op allerlei terreinen van het leven, inclusief genderrollen en de beleving van seksualiteit. Nu vrouwen vrijer zijn, gaan ze met andere vormen van seksualiteitsbeleving experimenteren en durft men zich ook anders te identificeren, bijvoorbeeld als lesbisch of transgender.

Bij deze verklaring heb ik twijfels. De hoge cijfers met betrekking tot MeToo-ervaringen, van pogingen tot zelfdoding en de sterke stijging van meisjes die kennelijk als jongen verder willen leven, suggereren niet bepaald een ervaring van grotere vrijheid. Het lijkt eerder te wijzen op een zoektocht om te ontsnappen uit het ‘lot’ van vrouw-zijn. En dat terwijl vrouwen nu op allerlei punten meer vrijheid hebben dan eerdere generaties vrouwen. Maakt die vrijheid misschien ook kwetsbaarder? Brengt de grotere vrijheid van meisjes mogelijk met zich mee dat het ‘normaal’ wordt dat meisjes experimenteren op seksueel gebied? (Ook al lijkt de laatste jaren de leeftijd waarop meisjes gemiddeld hun eerste seksuele contact hebben iets gestegen, die leeftijd is nog steeds heel laag.) En als ze dat niet willen, worden ze dan als preuts en ouderwets gezien? Nog steeds wordt het in de jeugdcultuur van jongens geaccepteerd als ze met meerdere meisjes seks hebben. Maar meisjes die met meerdere jongens vrijen, worden al snel als slet weggezet.

Risico’s

Voeg hierbij dat de laatste jaren de jongeren een grotere druk ervaren om van hun leven een succes te maken en dat ze daarvoor zelf verantwoordelijk zijn, en de spanning waarin meisjes zich bevinden is duidelijk. Ze willen ook aandacht van jongens, ze willen erbij horen – dat is immers succesvol zijn. Er is dus druk om in relaties een beetje ‘mee te bewegen’.

Tegelijkertijd houdt het vroeg met geslachtsgemeenschap beginnen ook risico’s in. Naast de risico’s van geslachtsziekten en ongewenste zwangerschap is er ook de vraag of je al wel de goede partner hebt en zo niet, of je na seksuele ervaringen nog aantrekkelijk bent voor wie dan wel de goede lijkt. Het is bekend – wellicht ook steeds meer onder jongeren – dat de eerste keer geslachtsgemeenschap vooral bij de vrouw een hormonale reactie teweegbrengt, waardoor zij een binding ervaart met de man. Bovendien wordt na meerdere keren geslachtsgemeenschap een stabiele binding met een andere man steeds moeilijker.

Daarbij komt dan nog dat meisjes, in elk geval in hun tienerjaren, meer behoefte hebben aan aandacht, een gevoel van waardering en veiligheid dan aan seks. Maar bij vriendschap met jongens gaat al (te) gauw de seksualiteit een rol spelen. Vriendschap met andere meisjes is dan veel veiliger. Het loslaten van het man-vrouwonderscheid met betrekking tot gender en van de heteroseksualiteit als norm lijkt dan meer flexibiliteit te geven om in dat ingewikkelde krachtenveld te navigeren. Het aangaan van een lesbische relatie of een transitie naar de genderrol van mannen kan dan een element krijgen van een vlucht uit dat spanningsveld.

Let wel, ik beweer beslist niet dat deze keuzes door de genoemde ontwikkelingen verklaard kunnen worden; er is ongetwijfeld veel meer aan de hand. Maar ik wil wel de hypothese verdedigen dat die ontwikkelingen een bijdrage leveren aan de gestegen omvang ervan.

Achtergrond

Ligt niet een belangrijke achtergrond van de genoemde spanningen voor vrouwen bij mannen? Leven mannen wel vanuit het principe dat hoe kostbaarder en kwetsbaarder, hoe meer respect en bescherming nodig zijn? Dit geldt juist ook voor de seksualiteit, bij de vrouw misschien wel meer dan bij de man.

De gedachte leeft dat er een recht bestaat op seksualiteitsbeleving en dat alles op het vlak van seksualiteitsbeleving en gender mag zolang betrokkenen er maar mee instemmen. Speelt juist deze veronderstelling niet een grote rol in het gevoel van onveiligheid bij vrouwen? Zeker, men vindt ook dat iedereen het recht heeft om ‘nee’ te zeggen en dat er een plicht bestaat om de ander niet te schaden. Maar de vraag is in hoeverre individuen echt opgewassen zijn tegen de dominante culturele en sociale druk om vooral te ‘doen wat goed voelt’, en hoe reëel het is om dat te verwachten.

Opnieuw doordenken

Moet in onze samenleving niet veel grondiger opnieuw nagedacht worden over die uitgangspunten met betrekking tot seksualiteit en gender, ook los van een specifiek christelijke benadering? De genoemde spanningen wijzen er toch op dat hier waarden en normen in het geding zijn die nog breed worden erkend? Als die niet gehonoreerd worden, zal dat negatieve gevolgen hebben.

Moeten we seksualiteit en gender als facetten van menszijn niet opnieuw doordenken in het licht van onze culturele en maatschappelijke context? Dit betekent zeker niet in alle opzichten een terugkeer naar de situatie van één of twee generaties terug. De tijden zijn veranderd en wij zijn de tijden (vgl. Augustinus).

Tegencultuur

Om hieraan als christenen een bijdrage te leveren, dienen we de Bijbel hierop opnieuw grondig te onderzoeken in heel zijn gevarieerde spreken over deze thematiek. Immers, Gods aanwijzingen ten leven, de Thora, creëren de ruimte waarbinnen mensen vrij kunnen zijn en het leven zich positief kan ontplooien, zo goed als dat in deze wereld kan. Maar laat het voor ons als christenen niet alleen om hernieuwde bezinning gaan. Ook in deze thematiek is de christelijke gemeente geroepen een ‘tegencultuur’ te vertonen. Laten we daarom in de kerk ons richten op het creëren van ruimten waarin (ook) vrouwen zich gezien, gerespecteerd en veilig voelen.

Neem een jaarabonnement (€ 49,00). Als welkomstgeschenk ontvangt u De Waarheidsvriend twee maanden gratis. Of maak gebruik van onze actie en lees De Waarheidsvriend vier maanden voor € 10,-!

Dr. ir. H. Jochemsen
Dr. ir. H. Jochemsen

uit Bennekom is emeritus bijzonder hoogleraar medische ethiek.